Reisverslagen

Oeganda 1

Maandag 13 februari 2006

Grensovergangen. ze brengen altijd een stuk spanning mee. Zeker wanneer je weet dat je de datum van je visum overschreden hebt. Geen dollars bij hebt. en de nieuwe Oegandese visa met dollars moet betalen. "Allemaal geen probleem.", beweert Eric. We hadden gelegenheid om geld te wisselen. maar het betekende een klein oponthoud. Honderd kilometer vanaf de grens terugrijden, dat zie ik Eric ook niet doen. Enige oplossing: ons eruit praten. maar dan moet Eric wel geduldig blijven. en ondanks ons maandenlange verblijf in Afrika, beoefent Eric de 'kunst' van de naïeve onwetendheid niet altijd even goed.

Ik bewerk Eric. "Je weet dat we problemen kunnen hebben. Blijf geduldig. We hebben tijd. dagen, indien nodig." Eric bekijkt me met een blik van datweetiktochookwel. In de praktijk. Ik weet beter. Grensovergang Suam, een kleine formaliteit. Stempeltje op de carnet de passage en op naar immigratie. De brave man is vriendelijk tot en met. Hij staart naar de paspoorten en snapt het niet. Handgeschreven staat er de 12de, op de stempel de 25ste. De twaalfde was de datum waarop we via de grens in Illeret binnenkwamen. Daar is geen formele grensovergang. De papieren moeten in Nairobi geregeld worden en dit betekent dat we toch een aantal dagen nodig hebben om de afstand te overbruggen én enkele plaatsen te bezoeken. De brave man kijkt gelukkig niet naar de Ethiopische uitstempel en gaat er dan maar vanuit dat we nog enkele dagen te goed hebben. Stempeltje. Oef. "Goede reis, kom nog eens terug naar ons mooi land!" "Zullen we doen", beloven we. En hop, weg zijn we. Geld wisselen. In tegenstelling met alle andere grensovergangen zijn hier geen geldwisselaars. "Over de grens, kan je makkelijk geld wisselen.", maakt men ons wijs. Over de grens willen ze alleen maar dollars. "Hebben jullie geen geld?", vraagt de ambtenaar ongelovig. "Veel geld. euro's." De ambtenaren kijken ons meelijwekkend aan. "Euro's. dat kan niet." We zingen de lofzang van de euro, zonder succes. "Kunnen we geld wisselen?" "Nee, de man is er niet." "Geen probleem, we zullen wachten." "Niet nodig, hij is in Kenia." "We wachten tot hij terug is." "Hij komt niet terug." "Geen probleem. Wij kunnen hier overnachten." En we speuren rond en wijzen een leuk plekje aan. "Hij kan weken wegblijven en is bovendien totaal onbetrouwbaar." Op zijn uitspraak 'onbetrouwbaar' reageren we ontzet. Kunnen ze hem niet bestraffen? De ambtenaren kijken hulpeloos. We mogen bij hen op een bankje zitten. "Kunnen we naar het dichtstbijzijnde dorp rijden en geld wisselen?" "Niet te doen, niet te doen. kílométers. op en neer. niet te doen in één dag." "Kunnen we onze visum in de hoofdstad regelen? Deden we toch ook in Kenia." De mannen zijn verwonderd. Er ontspint zich een discussie onder hen. We winnen. 't Is een kwestie van tijd. "Hoeveel zou de euro kosten? Hoe kunnen wij dit aan de weet komen? Als we dan een briefje aannemen, dan zitten we waarschijnlijk met een verschil. We kunnen geen geld in de pocket. zouden we in shilling kunnen teruggeven? Dan hebben we het probleem van geld in de pocket niet. Of klopt onze kas dan niet?" "Kom", roept de douanier. Ik kijk verbaasd op. "Wil je de carnet de passage niet in orde?" Natuurlijk wel. "Hoeveel Keniaanse Shilling heb je nog?" "Ongeveer 1300." "Ik moet er 1500. Geen probleem, ik pas het verschil wel bij." Ongelovig kijk ik de man aan. Hij pakt een pak documenten beet en begint te schrijven." "Wil je dollars?", stormt een man het douanekantoortje binnen. Een Canadees koppel steekt uitgerekend vandaag de grens over. Hebben we efkes geluk. Deze brave grensambtenaren zien soms wekenlang geen westerse reiziger. De Canadese dame hadden we toevallig een kleine week eerder ontmoet. "Hij kan toch niet weergeven op mijn geld. Ik kan dus net zo goed jouw visa betalen. Ze vraagt me de rate. Die kan ik slechts bij benadering geven. We ruilen de euro's tegen de dollars. "Misschien zit er een klein verschil in. Veel kan het niet zijn. Als jij mij bedot, betaal je me een koffie. Bedot ik jou, dan betaal ik de koffie." We lachen en schudden handen. Terug op naar de douane. "Waar bleef je zolang?" "Duurde wel even voor de papieren in orde waren." Argwanend kijkt hij ons aan. Werkt zijn collega zo traag? De ambtenaren zwaaien ons uit.

Oeganda ademt een onmiddellijk een totaal andere atmosfeer uit. De bergroute is prachtig. De aarde is rood. Het plezier van het rijden vergaat me vlug. De problemen met de auto zijn niet opgelost. De route mag dan fantastisch mooi zijn, de conditie van de weg is hier en daar één ramp. In het regenseizoen is de route gewoonweg niet te doen. Het gelukzalig gevoel maakt plaats voor zenuwen. Nog een helling te gaan. Houdt de Unimog het uit?

Uren later bereiken we Kaprochovra. Ook hier kunnen we in de plaatselijke bank geen geld wisselen. Er is wel een geldwisselaar, maar hij neemt alleen dollar. "In de volgende stad, een kleine zestig kilometer verderop. Een paar uur op en neer." "Halen we niet voor het donker." "Blijf dan in Mbale" "Nee, we willen bij de Sipi falls logeren." Ter onverrichter zake verlaten we de bank en trekken op goed geluk naar de lodge bij Sipi falls.

Sipi Falls"We hebben geen geld.", overvallen we de receptionist. Hij kijkt ons ongelovig aan. "Nee, nee.", herpakken we en leggen de situatie uit. "Aan de Keniaanse grens verwijzen ze ons naar de overkant, aan de overkant naar." De jongen kijkt meewarrig. "Geen probleem. Ik teken alles op en dan reken je af in euro." De volgende dag vraag ik of ik Oegandese shilling kan krijgen, want ik wil op stap in het dorp. Zonder enige discussie krijg ik de tegenwaarde van 10 euro. Ik wil een deposit geven, maar word afgewimpeld. Het is opvallend: deze Oegandezen koesteren veel minder wantrouwen dan de Kenianen. De kassa's worden hier niet angstvallig bewaakt, geld lenen zonder enige waarborg. zou nooit kunnen in Kenia.

Donderdag 16 februari - vrijdag 17 februari 2006

CBM oogkliniekOp naar Tororo. Daar bezoeken we de oogkliniek van CBM, de Christelijke Blindenmissie. De Oegandese Peter leidt ons rond. Peter vertelt ons trots dat ook hij eigen projecten op stapel staan heeft. Hij zet zich in voor HIV-jongeren, de christelijke jongerengemeenschap. Hij overtuigt jongeren om zich tot het huwelijk te onthouden. "Eten jullie in België veel gedroogd fruit? Ik heb een handeltje en misschien." Hij heeft niet alleen zijn handeltje, maar tussen de regels valt te horen dat hij graag één of ander NGO'tje wil opstarten. We maken kennis met Dr. Piet Noë, afkomstig van Oudenaarde. Hij is sympathiek, héél lief en vriendelijk in de omgang met de patiënten. We krijgen meteen een invitatie om bij hem thuis te logeren, een aanbod die we moeilijk kunnen afslaan. Ook de huizen in Mbale zijn beveiligd. "Vroeger, ongeveer twee jaar geleden was er nauwelijks sprake van beveiliging.", vertelt Piet. "Toen werden Amerikanen in hun huis overvallen en gedood. De maffia? Sindsdien zijn er honden en gewapende nachtwakers." We praten tot in de late uurtjes met Piet. De verkiezingen staan voor de deur en Piet heeft er geen goed oog in. "Aanvankelijk deed Museveni het - volgens westerse staatshoofden - het vrij goed doet. Nu zwoer hij dat hij het paleis nooit zonder gewapende weerstand zou verlaten." De CBM medewerkers kregen trouwens de tip om mondvoorraad voor een maand lang in te slaan. Het woord 'oorlog' wordt af en toe in de mond genomen. Anderen beweren dan weer dat het geen zo'n vaart zal lopen. Als er oorlog zou komen. We hebben onze 'entree' weer eens goed gekozen.

Zaterdag 18 februari - zondag 26 februari 2006

Lira

We nemen afscheid van Piet en vertrekken naar het Nile High Camp in Jinja, een paar kilometer over de bron van de Witte Nijl. Dit water heeft zowat drie maand nodig om Egypte te bereiken. Ook in Jinja is iedereen in de ban van de verkiezingen die donderdag plaats zullen vinden. We besluiten hier de verkiezingen af te wachten. We kunnen vlot beide richtingen uit: terug naar Kenia of door naar Rwanda. Rwanda kondigt echter aan om tijdelijk de grens met Oeganda te sluiten. Paulo is afkomstig van Costa Rica. Hij beweert dat het allemaal geen zo'n vaart zal lopen. "Misschien een dag of tien heibel in Kampala. De mensen zijn de oorlog beu. De cassave staat op het land. Waarom zouden de mensen vluchten of vechten? President Museveni sprak over 'vechten', maar het was niet duidelijk of hij de gerechtelijke weg bedoelde of daadwerkelijk zijn privé leger, tienduizend manschappen, zou inzetten. Vermoedelijk wint Museveni sowieso de verkiezingen. Trouwens er is een groot verschil tussen wat in de krant staat en de realiteit die wij dagdagelijks zien. Om een voorbeeldje te geven: twee meisjes, Duitse toeristen werden verkracht en vermoord. Er stond niet bij dat ze dealden in harddrugs.", aldus Paulo. Donderdag, de verkiezingsdag is een troosteloze dag. De regen valt met bakken uit de lucht. 's Avonds verklaren de waarnemers dat de verkiezingen vrij sereen verliepen. We vernemen enkel gedeeltelijke uitslagen. Zondag is er uitsluitsel: Museveni wint de verkiezingen met 59 %, zijn tegenkandidaat behaalt slechts 39 %. De oppositie spreekt over 'vervalsing'. De waarnemers nuanceren.

Zondag 27 februari - woensdag 28 maart 2006

Op naar de hoofdstad Kampala. Het verkeer is vrij vlot. Eens we Kampala bereiken wordt het een stuk zenuwslopend. Het is nog relatief vroeg en we besluiten de eigenaars van Le Château, het befaamde Belgisch restaurant op te zoeken. Deze naam kwam ons voor het eerst in Nairobi ter ore en bleef ons intrigeren. Zonder teveel problemen bereiken we Le Château. We maken kennis met Stephan. Hij heeft het bijzonder druk. Joseph en Stephan DuyckVanavond vertrekt hij naar België en hij verwijst ons later op de dag naar zijn vader, Joseph Duyck, het gezicht van keurslagerij Quality Cut, gelegen op dezelfde locatie. We kijken onze ogen uit: een keurslagerij waar in België menig andere zaak een puntje aan kan zuigen. We willen beleg kopen, maar kunnen niet kiezen. We bestellen dan maar een broodje. Joseph staat achter de kassa. We maken beknopt kennis. "Waarom logeren jullie niet bij mij thuis. Plaats genoeg." We zijn verbouwereerd. Even later vraagt Joseph: "Hoe zit het nu? Gaan jullie op mijn aanbod in?" Uiteindelijk verblijven we zowat een maand ten huize Duyck en mogen na maanden opnieuw van een huiselijke sfeer genieten. Joseph blijkt een vaderlijk figuur. Hij kent iedereen en iedereen komt bij hem langs met zijn problemen.

Slecht nieuws van het thuisfront. Papa is ernstig ziek. Ik vertrek naar België. "Eric is in goede handen.", stelt Joseph me gerust.

Veertien dagen later bereik ik opnieuw Kampala. Ik ben in de war.

Op mijn eerste avond terug in Kampala ontmoet ik Magda, een vrijwilligster en Ann. Zij bezoeken het opvangcentrum van Els De Temmerman in Lira. Ook Eric en ik hebben een uitnodiging op zak en besluiten hen na te reizen. Met Magda en Ann beleven we fijne momenten. In het opvangcentrum worden we met een totaal andere realiteit geconfronteerd.

Donderdag zullen we van Joseph afscheid nemen. Bedankt Joseph! We zullen je niet gauw vergeten!

Ria Anyca

Lees verder: Reisverslag 14 - Oeganda 2 >>